Auteursarchief: Danielle Huisman

Wie ben ik en wat wil ik in het leven? Het zijn de Grote Vragen waar we allemaal weleens mee worstelen. Zo ook Frank Stok – alias Franky Sticks. Want moet hij nu dj worden of toch kunstenaar? En waarom kan het potverdorie niet gewoon allebei? Voor het antwoord op deze en andere vragen ging Patrick Kooiman naar het atelier van de bescheiden alleskunner die met beide benen op de grond alle ballen in de lucht houdt.

Tekst: Patrick Kooiman (Interiorator)

Een dubbelleven als succesvol dj en student aan de kunstacademie – ik word al moe als ik eraan denk!
Het is ook veel, hoor. Er zit maar 24 uur in een dag. Met het dj’en ging het op een gegeven moment best goed. Ik was ook veel aan het draaien, gaf les aan het Hiphophuis en zat ook nog eens bij het Re:Freshed Orchestra. Die combinatie maakte het extra lastig om genoeg aandacht te besteden aan mijn studie aan de Willem de Kooning Academie. De andere studenten leken maar met één ding tegelijk bezig terwijl ik het gevoel had dat ik losse flodders aan het schieten was. De ene keer maakte ik iets abstracts, de andere keer schilderde ik iets realistisch. Ik kreeg de behoefte een eigen stijl te vinden, iets waardoor mensen specifiek naar mij zouden komen.

Daar lijk je nu helemaal in geslaagd! Hoe heb je je eigen stijl uiteindelijk gevonden?
Vreemd genoeg door een pauze in mijn studie te nemen. In het laatste semester kregen we een vrije opdracht. Ik begon een onderzoek naar de anatomie van het menselijk lichaam, een onderwerp dat natuurlijk veel te breed is om helemaal te onderzoeken. Uiteindelijk besloot ik me te beperken tot handen. Dat was al interessant genoeg. Handen zijn rare dingen. Je manipuleert je omgeving ermee. En met gebaren kun je er heel veel mee zeggen. In de kunstgeschiedenis zijn handen best wel een onderbelicht onderwerp. Ze zijn ook nooit fijn om te tekenen. Tussendoor ging ik een paar dagen naar mijn vader, die in Parijs woont. En heel toevallig zag ik er in een metrostation een billboard van twee handen met benen eraan gephotoshopt. Daar moet ik mannetjes van gaan maken, realiseerde ik me gelijk. Ik besloot me te beperken tot zwarte lijnen en primaire kleuren. Het voelde eerst een beetje geforceerd. Maar ik dacht bij mezelf: als je dit nu niet doet, dan gaat het ook weer voorbij. Ik denk dat ik in de twee jaar erna meer dan drieduizend handmannetjes heb getekend om op dit punt te komen.

Er is wel veel toewijding voor nodig om drieduizend keer hetzelfde te tekenen!
Ja, maar het zorgde wel voor een solide basis. Ik kon bijvoorbeeld gaan bedenken hoe ik een boom er in dezelfde stijl als mijn handmannetjes uit kon laten zien. Het laatste deel van het experiment was om mijn eigen woonkamer met al mijn spullen erin te schilderen: lampen, een plant, een basketbal – alledaagse dingen dus. Mijn beeldtaal is inmiddels enorm uitgebreid, maar nog steeds gekaderd. In dat opzicht lijkt het ook wel op hiphop. Daar creëer je ook telkens iets nieuws vanuit een beperking.


Franky Sticks (momenteel uitgeleend)

En hoe zit het met al die uitgesproken kleuren in je werk?
Ik houd van een hard kleurcontrast, een beetje pop art. Voor inspiratie kijk ik graag in graffitiboeken. Daarin zie je meteen welke kleurcombinaties het meest knallen. Die liefde voor graffiti zat er al vroeg in. Op de lagere school in Middelburg moest ik ooit graffiti ontwerpen op een uitgeprinte tekening van een metrostel. Dat vond ik zo cool! Muziek vond ik ook interessant. Dan ging ik tussen de middag thuis lunchen en nam ik alle toffe nummers van de TV op. Ik legde een hele muziekcatalogus aan. Bij elk nummer had ik een ander gevoel. Pas toen ik op mijn 18e genoeg had gespaard om een draaitafel te kopen, ging ik ook dj’en.

Vertel eens over de eerste keer dat je optrad als dj?
Dat was in een bruine kroeg in Middelburg. Ik had mijn debuut maandenlang gepland. Een paar plaatjes had ik maar. En dus had ik voor mijn optreden een enorme hoeveelheid nieuwe platen besteld op internet. Natuurlijk werd alles pas een paar uur ervoor bezorgd. Een drama, want ik kende veel nummers maar half! Daar stond ik dan, heel driftig te draaien en te luisteren tegelijk. Het ging niet allemaal van een leien dakje, maar gelukkig reageerde iedereen in de kroeg wel goed. Ik denk dat ik hier in Rotterdam zou zijn uitgejoeld!


Franky Sticks 

Wat tof dat je nu ook opdrachten doet voor grote bedrijven als Footlocker en Mini!
Ja, vorig jaar was een goed jaar. Voor de wereldpremière van de Mini Electric auto Mini Cooper maakte ik een installatie met geleidende verf. Als je dan bijvoorbeeld een deel aanraakte, ging er een beamer aan en verscheen er rook. Natuurlijk smaakt het naar meer om je werk in zo’n andere dimensie te zien.

Maar laat ik eerst maar eens de kunstacademie alsnog afmaken. Ik hoop in juli af te gaan studeren. Mijn terugkeer voelt als een verrijking. Ik denk veel na over wat ik nu echt doe, zeker wanneer een docent weer eens met een paar porretjes een heel andere lade in mijn hoofd weet open te trekken. Af en toe is dat wel nodig. Ik ben iemand die snel ideeën afkapt in zijn hoofd. Als ik nieuw werk heb gemaakt, ben ik er één dag tevreden mee. Dan is het wel weer genoeg.

Wat voor werk kunnen mensen nu via Kunstuitleen Rotterdam van je lenen?
Het is afgeleid van een serie schetsen die ik in Parijs maakte. Toen ik na een huisfeestje om half vier ‘s ochtends in de bus zat, ben ik de gebouwen, metro’s en lichten die ik door het raam zag, gaan tekenen. Het ging allemaal heel snel, waardoor de perspectieven vervormd zijn. Ik heb echt een fascinatie voor de grote stad en alle gekte die daarbij hoort. Maar het Zeeuwse platteland kan ook nog steeds heel relaxt zijn, hoor!


Franky Sticks – Midnight in Paris (in uitleencollectie)

FacebookFacebook
instagraminstagram

Op dit moment kunnen wij de veiligheid en de gezondheid van onze klanten en onze medewerkers niet voldoende garanderen. Wij vinden het belangrijk om onze verantwoordelijkheid daarin te nemen en volgen de richtlijnen van de RIVM. Daarom is onze Expo van 19 maart tot 1 juni 2020 gesloten.

Wel Bereikbaar
Wij werken van woensdag t/m vrijdag van 9.30 – 18.00 uur en zijn telefonisch bereikbaar op 010-3030240.

Maak gebruik van onze online catalogus om een kunstwerk uit te zoeken. Indien gewenst leveren we het kunstwerk ook thuis bij je af. (Bezorgkosten vanaf €18)

Wil je graag zelf een kunstwerk ophalen of inleveren? Dat kan. Je kunt hiervoor telefonisch een afspraak maken.

Kom je voor een afspraak? Dan verzoeken we je te houden aan de volgende regels:
– Wacht voor de deur. Wij laten niemand meer binnen komen.
– Indien gewenst kunnen we het werk eerst laten zien voor het raam.
– We zetten de werken klaar en geven deze af bij de deur.
– Bij de deur wordt tevens het uitleencontract ondertekend.

Wij hopen je snel in goede gezondheid weer te kunnen ontvangen in onze Expo.

FacebookFacebook
instagraminstagram

Wij kijken terug op een geweldige uitverkochte Museumnacht met performance art van The Amazons, video art van Annabel Kanaar en light art van Stefan Leuchter. Hierbij de foto’s!

Fotografie: Suzan Geldhoff

       

FacebookFacebook
instagraminstagram

Was jij dit jaar op Art Rotterdam? Dan weet ik zeker dat één werk je met name is bijgebleven. Een werk met drie beeldschermen en twee verliefde kreeften. Maar wat betekent het nu eigenlijk? En wat is het verhaal van de kunstenaar die het maakte? Als jij je dat afvraagt, dan heb je geluk! Want tijdens de Museumnacht van volgend weekend kun je al die vragen persoonlijk vragen aan Annabel Kanaar. Haar werk, A Universal Love Story Between two Lobsters, is dan te zien bij Kunstuitleen Rotterdam – en Annabel is erbij! Om alvast in de stemming te komen, reisde Patrick Kooiman speciaal voor Work Art | Play Art naar de studio van Kanaar direct naast Artis in Amsterdam.

Tekst: Patrick Kooiman (Interiorator)

Hoe kom je op het idee om een video te maken over twee verliefde kreeften?
Ik droomde in een droom over twee kreeften die verliefd waren. Het was de ultieme liefde en er was niks mooiers en universeler dan wat deze twee kreeften met elkaar hadden. In de droom werd ik wakker en ging de mensen om mij heen vertellen dat ik zoiets moois had gedroomd en dat ik er een werk over ging maken. Maar iedereen zei, doe dat nou maar niet. Je kunt je er niet mee identificeren, dus blijf maar gewoon doen wat je nu doet. Toen ik de volgende ochtend wakker werd, ging ik een paar weken naar Amerika voor mijn eerste tentoonstelling. Eenmaal daar zag ik al snel een pet met kreeften, heel ongebruikelijk natuurlijk, maar voor mij een teken dat ik de video daar echt moest gaan maken. Ik vind het banaal om het zo te vertellen. Alsof je tegen je publiek zegt: nou ja, dit is wat ik heb gedroomd, dus betaal er maar voor.


Kreeftenliefde – Annabel Kanaar

De liefde is wel een onderwerp waar iedereen mee uit de voeten kan!
Precies! Ik maak daar performance art over, kunst in de vorm van een optreden. Maar ik maak ook video’s en schrijf teksten. Belangrijke thema’s zijn voor mij het moederschap, radicale openheid en ongewenste gedachten. Die zijn natuurlijk niet zomaar uit de lucht komen vallen. Ik kampte lange tijd met depressie, als kind zelfs al. Toen leerde ik, net als elk kind, om de wereld te zien in goed en slecht, veilig en niet veilig. Nu ik volwassen ben, denk ik eigenlijk nog steeds zo zwart-wit. Terwijl van kunstenaars toch wordt verwacht dat zij in nuances denken. Maar ik vraag me juist af in hoeverre een moreel kompas nog is bij te sturen. Dat soort persoonlijke vragen deel ik met mijn publiek. Ik ga het gesprek aan over wat ik als individu meemaak en welke onderdelen daarvan gemeenschappelijk zijn. Op een bepaald niveau maken we toch allemaal dezelfde dingen mee. Van kunstenaars wordt tegenwoordig verwacht dat ze moderne ontdekkingsreizigers voor de rest van de maatschappij zijn. Maar voor mij gaat dat helemaal niet op. Ik kom zoveel dingen tegen waar ik helemaal niks mee kan of een reactie op heb die ik helemaal niet wil hebben. Dat soort gedachten mogen er bij mij zijn, ook als ze misschien politiek correct of uncultured overkomen. Met die kwetsbaarheid hoop ik iets aan te raken bij andere mensen. Misschien denk je wel: kots! Maar goed, dat kan.

 

Welk van je werken vind je daar nu een goed voorbeeld van?
Dat vind ik een moeilijke vraag, zeg. Veel van mijn werk dat ik vroeger heb gemaakt, vind ik nu niet meer relevant. Wanneer ik voor een publiek een tekst voorlees die ik heb geschreven, dan gebeurt er iets met de groep wat ik niet meer kan reproduceren. Dat is inherent aan performance art. Mijn teksten zijn de laatste tijd ook heel persoonlijk geworden. Ze gaan over dingen waar ik me onzeker over voel en mijn twijfels over het moederschap. Doodeng vind ik dat. Maar in het moederschap zit een enorme kennis. Daar heb je ook als man of als vrouw zonder kind of kinderwens wat aan. Als individu hebben we allemaal ervaringen waar iedereen mee uit de voeten kan.

Zelfs twee verliefde kreeften dus. Ik ben nu ook wel benieuwd naar ‘the making of’!
Ik kan je verklappen dat ik zelf één van de twee kreeften ben. De andere is een Amerikaanse kunstenaar met wie ik werkte toen ik in Minneapolis was. Ik had hem terloops verteld over mijn droom en voor ik het wist, wilde iedereen mij helpen. Binnen de kortste keren hadden ze een studio en een grote rol rood papier voor me geregeld. Die Amerikaanse werkethiek vond ik zo’n verademing. Schouders eronder, niks is te veel. Voor mij was het een verwarrende ervaring. Ik was in Minneapolis ook los van alle tijd die ik besteed aan de dagelijkse dingen hier in Nederland. In Amerika kon ik werken in een tempo dat ik niet gewend was. Dat voelde heel bevrijdend.

En hoe kwam je video terecht bij Art Rotterdam?
Elke kunstenaar die een werkbijdrage Jong Talent van het Mondriaan Fonds, mag er werk laten zien. Voor bezoekers is Art Rotterdam een overweldigende omgeving. Met al die kunst om je heen krijg je zoveel prikkels. Daarom wilde ik er iets laten zien wat direct in het oog zou springen en je zelfs na een paar seconden bij zou blijven. Mijn video was dus ideaal.

Nu is je werk tijdens Museumnacht bij Kunstuitleen Rotterdam te zien!
Ja, dat is heel fijn. De kunstwereld kan heel overspannen en gewichtig zijn. Maar bij Kunstuitleen Rotterdam is iedereen heel ontspannen. Toen ik er op bezoek ging, mocht ik zelfs in de kelder kijken naar de werken van Co Westerik. Dat is een kunstenaar die voor mij erg belangrijk is. Ik schreef mijn scriptie over het schilderij dat hij maakte over zijn overleden dochter Christine. Daar las ik ooit over in een tijdschrift. Ik scheurde de pagina uit en gebruikte het in mijn eigen werk. Zelf heb ik hem ontmoet toen hij al 92 jaar oud was. Na mijn ontmoeting heb ik nog wat werk van hem gekocht. Veel te duur natuurlijk, maar ik dacht: dit moment moet ik vastleggen. Co Westerik had zelfs op het laatst nog zoveel energie. Dat had ik nog nooit in iemand gezien. Zoiets kan ook alleen maar als je ervoor kiest om volledig voor het kunstenaarschap te gaan. Zelf ben ik productiever geworden juist omdat ik moeder werd en mijn tijd beter moest gaan indelen. Vroeger kon ik maanden zeuren over één enkel aspect, maar nu denk ik: het moet gewoon gebeuren. Klaar.

Tijdens de Museumnacht 010 is de video installatie van Annabel Kanaar te zien in de expo van Kunstuitleen Rotterdam. Bekijk het hele programma in ons Facebook event.

FacebookFacebook
instagraminstagram

Winfried Baijens is presentator en programmamaker. Wie het NOS achtuurjournaal volgt, zal hem kennen als een van de nieuwspresentators. Wij vonden het hoog tijd om deze Rotterdammer eens als gastcurator te vragen voor onze tentoonstellingenreeks ‘De Keuze van…’  Baijens dook onze collectie in en maakte een bijzonder gevarieerde selectie die nu te zien is in onze expo. Lees hier het korte interview dat wij met hem hadden over zijn selectie.

Jij bent gastcurator van Kunstuitleen Rotterdam waarvoor je je favoriete kunstwerken uit onze collectie mocht selecteren. Waarom heb je ja gezegd? 
Omdat ik de zoektocht leuk vind. Ik mocht even struinen door het magazijn. Wat een snoepwinkel!

Was het lastig om een keuze te maken?
Niet echt dus, wel een monnikenwerk, want hoeveel hebben jullie staan/hangen? Ik heb geloof ik echt alles gezien.

Hoe vond je het om door de collectie te spitten?
Fascinerend en leerzaam. Er staat zoveel. Zoveel moois. Zoveel lelijks. En dat lelijke is net zo belangrijke als het mooie. Dat vind ik oprecht fascinerend. Dat je zo impulsief iets mooi en lelijk kan vinden. En ik zit soms ook te denken, bij een kunstwerk met alleen maar drie gekleurde lijnen bijvoorbeeld: zou hij/zij nou gelijk gedacht hebben 
‘Ja dit is het..?’. Of eerst veel meer lijnen hebben geschilderd en gedacht ‘nee, het moeten er drie zijn’.  Of spat het ineens zo het doek op, recht vanuit het hart? Echt boeiend. En ook jaloersmakend, de overtuiging die er vermoedelijk achter zit?


De wand van Winfried Baijens is nu te zien in onze expo

Kun je wat vertellen over je keuze? 
Ik heb er vooral zelf veel vragen bij, want van de meeste werken is nauwelijks informatie te vinden. Want wat is het idee van het schaapjes-wolken-schilderij? En wat stelt de – vermoed ik – erotische scene voor. Het idee achter de geprepareerde krant kan ik nog bedenken, maar zit vast ook meer achter. Zo ook de eend. En de Orang Oetang. Het is een vrolijk geheel al met al.

Heb je zelf ook kunst in huis? Wat heb je hangen/staan?
Ik verhuis vaak. Al denk ik dat ik nu wel blijf wonen waar ik nu woon. Daardoor heb ik ook heel veel kunst steeds weg gedaan, omdat het niet meer geschikt was voor een nieuw huis. Met kunst bedoel ik nu even alles wat ik aan de muur had hangen. Niet dat ik zo’n enorme verzamelaar ben, hoor. In mijn nieuwe huis is het nog redelijk maagdelijk. Een abstracte foto van een deel van de gevel van De Rotterdam, een abstract kunstwerk met allemaal roze stipjes en een zwart wit prent. Ja dit zegt allemaal weinig,

Van welke kunst hou je?
Abstract en verwarrend denk ik. Vreemd, humor, lomp, brutaal. Dat allemaal en meer, graag.

En wat vind je helemaal niks?
De Barok tot en met het Classicisme doet me weinig. Bewondering voor het vakmanschap uiteraard, maar ik voel er niet veel bij.

Wat vind je eigenlijk van Kunstuitleen Rotterdam als concept?
Heel goed. Ook omdat het Rotterdamse kunstenaars steunt. Volgens mij is het heel goed dat een Kunstuitleen interesse heeft in werk dat misschien niet direct de weg vindt naar de gallery’s. En ik heb al vaker naar kunst gekeken bij de Kunstuitleen die ik anders nooit had bekeken. Dus dat zijn allemaal kleine zaadjes die de Kunstuitleen plant in de hoofden van alle bezoekers en gebruikers.

Tot slot: waar ben je op dit moment mee bezig?
Leuk dat je het vraagt. Ik maak voor de NOS sinds kort een serie op Youtube, Achter de Headlines. Daar haal ik mijn hart aan op! We proberen voor niet-jongeren smakelijke reportages te maken, met achtergronden bij het nieuws en de persoonlijke mensen.

Bekijk hieronder een recente aflevering van Achter de Headlines.

FacebookFacebook
instagraminstagram

Tijdens de Art Rotterdam Week van 5 – 9 februari 2020 verandert Rotterdam in een walhalla voor kunst-, design- en architectuurliefhebbers. Kunstuitleen Rotterdam heeft speciaal voor deze week twee werken van kunstenaar Stefan Leuchter in de expo opgenomen. Deze werken zijn vanaf donderdag 6 februari te zien.

Het lichtkunstwerk ‘Human Nature’ dat hier staat afgebeeld bevat de basisvormen van vierkant en cirkel. De eerste is een geconstrueerde component, de laatste drukt eenheid en eindeloosheid uit. De twee materialen, staal en acrylglas, delen een paar kwaliteiten. Ze verschillen formeel en typologisch, maar ze vullen elkaar aan en zorgen voor een opwindende dynamiek. De exacte kleur van het licht is de sleutel. Alleen een combinatie van een lichtblauw doorschijnend en een lichtgrijs transparant acrylglas creëert het sfeervolle diepblauwe uiterlijk.


Stefan Leuchter – Human Nature

Leuchter (Aken, ’85) woont en werkt sinds 2017 in Rotterdam. Van opleiding interieurarchitect, ontwerpt hij verschillende objecten, interieurs en installaties in zijn gedeelde werkplaats. In de praktijk vormt zich een dualiteit, waarbij Computer Aided Design (CAD) en technisch vakmanschap samen komen en de ontwerpprocessen sturen. Op de grens tussen kunst en design experimenteert hij met licht, techniek en architectuur. Daarbij voegt hij een bijna poëtische laag toe aan zijn concepten en hecht hij grote waarde aan het gebruik van duurzame oplossingen. Tevens speelt de upgrading van het materiaal een belangrijke rol om de esthetiek en de belangstelling van onze moderne samenleving te onderzoeken.


Stefan Leuchter – Human Nature – Expo Kunstuitleen Rotterdam

“Inspiratie betekent voor mij om verrast te worden, te leren, open te staan voor iets nieuws, iemands input te waarderen, geïnteresseerd te zijn, te kunnen veranderen en ernaar te streven om anderen te inspireren. Inspiratie is emotie; verontrustend en verwarrend.”

Meer informatie over Stefan Leuchter is hier te vinden.

FacebookFacebook
instagraminstagram

Wanneer je het werk van Donald Schenkel voor het eerst ziet, zou je bijna denken dat het door een computer is gemaakt. Pas wanneer je goed kijkt, zie je dat hij zijn kleurverlopen niet met een printer, maar met olieverf creëert. Het werk van deze jonge Rotterdamse kunstenaar is met recht uniek. En dat is niet alleen een reden voor Kunstuitleen Rotterdam om vier van zijn schilderijen aan te kopen, maar ook voor Patrick Kooiman om eens een bezoekje aan Donalds atelier te brengen.

Tekst: Patrick Kooiman (Interiorator)

Je werk ziet er bijna bovenmenselijk uit. Ik kon me in eerste instantie niet voorstellen dat hier geen computer aan te pas was gekomen.
Ik snap je reactie heel goed. Met een computer maak je een kleurverloop met een paar drukken op de knop. Ik vind het veel interessanter om met echte verf te werken. Want wist je dat achter elk pigment een mooi verhaal zit? Zo is ultramarijnblauw is één van de oudste kleuren uit de geschiedenis. Elk pigment heeft een andere chemische samenstelling. Daardoor gedraagt het zich ook anders. Sommige pigmenten mengen beter, andere drogen weer langzamer of hebben meer transparantie. In mijn werk gaat het er dus niet alleen om dat je een kleur ziet, maar vooral dat je begrijpt dat verf een materiaal is.

En wat maakt dan dat je specifiek met olieverf werkt?
Kijk, olieverf wordt in de geschiedenis geroemd om twee dingen: glans en transparantie. Door die twee eigenschappen kun je met olieverf alle andere materialen suggereren in een schilderij. Met acrylverf of met de temperaverf die ze in de Middeleeuwen gebruikten, kan dat veel minder goed. Voor mij heeft olieverf daarom een enorme rijkdom. Je ziet veel meer dan alleen de kleuren zelf. Olieverf vangt licht op en weerkaatst het. Daarmee ziet het er op elk moment van de dag anders uit. Ik gebruik het om een esthetiek te creëren die digitaal lijkt, maar niet de digitale principes volgt.

Zoiets schud je niet zomaar uit je mouw! Hoe ben je op het idee gekomen?
Tijdens het tweede jaar van de Willem de Kooning Academie mocht ik eindelijk gaan experimenteren. Ik had tot dat moment nog geen verf aangeraakt, dus dacht: nu moet het maar eens gaan gebeuren. Mijn experiment wilde ik klein houden. En omdat ik dacht dat ik er niet al te veel vragen over kon stellen, koos ik voor olieverf. Het enige wat ik feitelijk wilde, was met schaduwen werken. Daar kwam ik achter na heel veel schrappen. Als ik ‘s ochtends wakker word, dan kan ik urenlang naar het spel van licht en schaduw kijken op het plafond. Ik vroeg me af hoe het kon dat ik in zoveel dingen geïnteresseerd kon zijn en toch zo lang naar iets simpels als mijn plafond kan kijken. Jezelf verliezen in een klein visueel detail als een schaduw of een kleurverloop kan voor mij een bijna Grieks gevoel van verwondering oproepen. In dezelfde tijd als mijn eerste experimenten met olieverf ontdekte ik A Field Guide to Getting Lost van Rebecca Solnit. Zij beschreef die drang om jezelf te verliezen vanuit meerdere invalshoeken. Ik las haar boek heel toevallig toen ik in het vliegtuig zat. Toen ik uit het raam keek, verloor ik me in een oneindige hoeveelheid blauw en realiseerde ik me wat een ongrijpbare tint het was. Ik was mijn tijdsbesef volledig kwijt. Pas toen kwam alles bij elkaar.

Kon je je altijd al zo goed helemaal in iets verliezen?
Als kind maakte ik al grote tekeningen van vellen papier die ik aan elkaar plakte. Dan tekende ik bijvoorbeeld een donutfabriek met alle onderdelen of een stad met een trein die door de lucht vliegt. Dat obsessieve gedrag zat er dus al vroeg in. De drang om werelden te bedenken, zorgde ervoor dat ik in eerstes instantie Game Design ging studeren. Maar na een tijdje kwam ik erachter dat ik de conceptuele lading miste. Als je erover nadenkt, is dat best wel jammer. Games en kunst zouden best wel goed samen kunnen gaan. Kijk maar eens naar het werk van Ian Cheng. Het is fascinerend wat hij doet. Maar goed, zelf koos ik er uiteindelijk voor om de docentenopleiding aan de kunstacademie te gaan volgen. Kunst maken is één van de mooiste dingen die er zijn. Dat je die verwondering kunt delen met mensen die jonger zijn dan jij, lijkt me echt prachtig.

Vertel eens wat over de werken die Kunstuitleen Rotterdam heeft aangekocht?
Kunstuitleen Rotterdam heeft een serie van vier kleine spiegels in de uitleencollectie opgenomen. De verf op de spiegels is ragdun, ik denk niet meer dan een tiende millimeter. Het mooie van olieverf is dat het transparant kan zijn. Het licht gaat er als het ware doorheen en weerkaatst vanaf de onderkant. Omdat ik spiegelglas als ondergrond heb gebruikt, wordt die weerkaatsing optimaal. Het pigment ziet er ineens ook heel anders uit. Een doorschijnende olievlek, daar heeft het nog het meest van weg. Vanuit elke hoek is het anders. De vier spiegels die je vanaf nu kunt lenen, zijn onderdeel van een nieuwe lijn die ik ga uitdiepen. Dus ik weet niet of Kunstuitleen Rotterdam het doorheeft, maar het is echt een heel goede aankoop!

En nu wil ik weleens weten hoe je je schilderijen maakt!
Tsja, daar vertel ik niet zoveel over. Het is het geheim van de smid, zeg maar. Wat ik je wel kan verklappen, is dat alles waarvan je denkt dat het lang duurt, weinig tijd kost. En omgekeerd! Ik heb mijn eigen tools ontwikkeld waarmee ik mijn werk maak. Daardoor is het proces deels mechanisch en deels handmatig – een interessante positie. De beweging die mijn lichaam maakt, bepaalt hoe het werk eruit komt te zien. Inmiddels heb ik best wel veel controle over hoe de verschillende soorten verf zich gedragen. Maar ook ik leer nog altijd nieuwe dingen. Voor mij is elk nieuw werk een studie. Als ik een fout maak, kan ik alles zo weggooien. Ik ben daarom enorm geconcentreerd aan het werk. Mijn ogen puilen dan zowat uit mijn hoofd. Dat het niet altijd uitpakt hoe je het bedenkt, maakt het voor mij extra interessant. Ik bouw alles op, doe wat tests en laat het dan gebeuren. Het maken van een schilderij is voor mij echt een korte actie. Gelukkig duurt het heel lang voordat olieverf droog is en dus kan ik er nog wel een paar dagen in blijven werken. Als je goed kijkt, zie je ook dat het kleurverloop niet altijd perfect is. Omdat je ogen er niet goed op kunnen focussen, danst alles een beetje. Door het samenvloeien van de verf zitten er kleine imperfecties in mijn werk. Maar dat maakt me niet uit. Ik vergelijk het graag met de ruis op een grammofoonplaat. En zeg nou zelf, perfectie is toch helemaal niet interessant? Soms gebeurt er ook iets nieuws en onverwachts waardoor ik weer helemaal aan mijn werk verkocht ben. Dan denk ik, hier kan ik mezelf nooit meer vanaf krijgen.

Kunstuitleen Rotterdam heeft momenteel vier werken van Donald Schenkel in de collectie, waarvan inmiddels alle vier de werken zijn uitgeleend.

FacebookFacebook
instagraminstagram

Fake or true? Onze expo transformeert tijdens de Museumnacht op zaterdag 7 maart in een ruimte waar de conventionele regels niet gelden, waar de realiteit vervormt.

Plof neer op de vele kussens in onze Ambient room en geef je over aan The Amazons. Vergeet de prestatiedrang en keuzestress en open je mind. Laat je hersenen nieuwe verbindingen maken voor een frisse blik op de wereld.

The Amazons, bestaande uit Romy van Eijk (fashion designer), Joni Kling (kunstenaar) en Jetti Steffers (dj) bundelen hun interdisciplinaire krachten om je een instaproof Museumnacht ervaring mee te geven. Sippend aan een futureproof drankje word jij onderdeel van deze alternatieve wereld waar performance art en digital realm samensmelten tot een onvergetelijke nacht.

Tickets
Met een passe-partout ticket krijg je van 20:00 – 01:00 uur toegang tot het verrassende programma van de Rotterdamse kunst- en cultuurinstellingen die meedoen met de Museumnacht010.
Koop hier je tickets

FacebookFacebook
instagraminstagram

Zij is ontwerper. Hij is beeldend kunstenaar. Samenwerken deden de sympathieke Masja van Deursen en Serge Game al een tijd, bij Studio Beige. Maar naast hun werk bij dit toonaangevende Rotterdamse bureau voor branding en visual identity is het koppel nu op artistiek vlak bezig aan een tweede gezamenlijk leven. Masja en Serge combineerden – hoe toepasselijk! – ieder hun eerste doopnaam en begonnen onder de naam Marie Bernard aan een kleurrijk artistiek project waarbij ze niet over één nacht ijs gingen. Speciaal voor Work Art | Play Art ging Patrick Kooiman op de koffie in de studio van Marie Bernard in Rotterdam-Noord. Het werd een fascinerend gesprek, dat niet alleen ging over de werken die Kunstuitleen Rotterdam van het duo aankocht, maar ook over…tussenruimtespookjes?

Tekst: Patrick Kooiman (Interiorator)

Voordat we het over Marie Bernard gaan hebben, kunnen we het eerst over jullie ‘eerste’ leven als Masja en Serge hebben?
Masja: “Serge en ik kennen elkaar al sinds eind jaren ’90, toen we samen studeerden aan de kunstacademie van Den Bosch. Al tijdens mijn studie kreeg ik een baan aangeboden in Rotterdam. Dat was heel spannend, want iedereen in die tijd ging juist naar Amsterdam.”
Serge: “Rotterdam was een rauwe, onaantrekkelijke stad waar je je best voor moest doen om van te houden. Maar dat vond ik prima. Je kon hier als kunstschilder voor weinig geld een atelier huren. En bovendien was ik veel te bang dat ik in Amsterdam ten prooi zou vallen aan alle verleidingen. Maar uiteindelijk bleek het hier in Rotterdam ook meer dan gezellig.”

Als ik hier zo om me heen kijk, ademt alles creativiteit. Zijn jullie daar ook in opgegroeid?
Serge: “Mijn ouders dachten altijd, waarom speelt die jongen niet vaker buiten? Maar ik kocht aan één stuk door blocnotejes van 75 cent bij de HEMA zodat ik kon blijven tekenen. Achteraf jammer dat ik er zo weinig van heb bewaard!”
Masja: “Mijn vader nam van zijn werk weleens restanten mee van Letra wrijfletters. Het is wel duidelijk dat daar mijn fascinatie voor typografie vandaan kwam. Ik was niet zo teruggetrokken als Serge. Mijn creativiteit schoot alle kanten op, ik was een gelukkig kind in die zin.”

Jullie werken al heel lang samen bij Studio Beige. Wat doen jullie daar?
Masja: “Voor mij was het al heel snel duidelijk dat ik een eigen ontwerpbureau zou starten. Het werd Studio Beige, opgericht in 2003 samen met zakenpartner Silvia Vergeer. Ons werk is heel breed. Zo kunnen we de branding voor een schoenenmerk bedenken, maar ook een serie verpakkingen voor een supermarkt of een boek voor een kunstenaar. Wat wij doen is veel meer dan ‘alleen maar’ een huisstijl bedenken. Alles begint met uitgebreid bespreken met waar een organisatie voor staat en wie de mensen erachter zijn. Om het maar even heel oneerbiedig te zeggen, geven wij er een smoel aan.”
Serge: “Ik werk voornamelijk als beeldend kunstenaar, maar zorg er daarnaast bij Studio Beige als officemanager voor dat alles goed georganiseerd verloopt. Dat moet ook wel als je zulke diverse opdrachten uitvoert.”

Dan ben ik wel benieuwd wat de rode draad is! Wat maakt dat opdrachtgevers naar Studio Beige komen als zij een nieuwe identiteit willen?
”Iedere stap in het creatieve proces wordt met de grootste zorg genomen. Als gevolg hiervan zijn de ontwerpoplossingen van Studio Beige vaak aantrekkelijk, effectief en laten ze een blijvende indruk achter.  Er is eigenlijk weinig ‘beige’ aan onze projecten.  Ze worden meestal gedefinieerd door sterke en heldere typografie en kleuren.”

Waar kwam de behoefte vandaan om naast zo’n drukke gezamenlijke carrière ook samen kunst te gaan maken?
Serge: “Masja en ik hebben samen door de jaren heen zoveel kunst gezien. We vinden het fijn om daar telkens ieder een eigen mening over te vormen en die samen op een goed onderbouwde manier met elkaar te bespreken. Zo weten we precies van elkaar hoe we denken. Dat constante wikken en wegen is een wezenlijk onderdeel van ons leven. Een paar jaar geleden dachten we, waarom doen we hier niet iets mee? We zijn heel simpel begonnen met schaar en papier. Wij zijn losse vormen gaan knippen, maar kozen er lange tijd voor ze niet op te plakken. In plaats daarvan schoven we alle losse stukken op ontelbaar verschillende manieren in en over elkaar. Maandenlang was het een complete bende – niet alleen in onze studio, maar ook thuis. We maakten veel foto’s van wat me maakten. Soms hadden we wel 30 variaties op hetzelfde werk. Al die chaos hadden we nodig om uiteindelijk een richting te bepalen. Zo’n lange periode van aftasten is een belangrijk deel van onze filosofie. Als je direct alles gaat uitvoeren wat je verzint, sla je een wezenlijke stap over. De dingen moeten juist organisch ontstaan. Pas op het laatst heb ik van enkele papieren variaties een vertaalslag naar houten werken gemaakt. Daardoor staat het nu heel stevig.”

Is het werk dat jullie samen maken anders dan wat je zelf als kunstenaar maakt?
Serge: “Ja, totaal. Mijn eigen tekeningen en schilderijen zijn groot en organisch. Ze zitten vol kleur en contrast en zijn op het cartoonesque af. Het is complex en gaat over veel lagen. Ons gezamenlijke werk is veel rechter, dat is meer de inbreng van Masja. Toch moet ik zeggen dat we er bewust veel imperfecties in hebben gestopt. Er zit bijvoorbeeld af en toe een tussenruimte in het werk. Daardoor vraag je je als kijker af, rammelt het nu wel of niet? En geloof me, we hebben daar goed over nagedacht.”

Als je een grafische achtergrond hebt, ben je dan niet allergisch voor alles wat rammelt?
Masja: “Ik was er wel een beetje huiverig voor, ja. Het liefst leg ik alles langs een lineaal. Maar ik wist daarnaast dat als ik mezelf weer de vrijheid van de imperfectie gaf, mijn eigen werk ook beter zou worden. Het kostte me wel moeite, hoor. Dan zei Serge, je moet niet alles zo gecentreerd doen. Het is veel interessanter als een vorm er een beetje afvalt. Vroeger was ik onzeker over dat soort dingen. Dan kon ik wel tien keer een layout veranderen. Maar nu ik ouder ben en meer ervaring heb, voel ik al heel snel aan wat voor een opdrachtgever gaat werken. In dat opzicht ben ik echt een gevoelsmens. Daardoor ontstaat er iets wat heel vanzelfsprekend en eenvoudig oogt – een statement zonder een ego. Dat vind ik bij het werk van Serge en mij ook. En tenslotte vond ik het ook wel prettig dat de dingen niet persé aan het eind van de dag klaar moesten zijn. Mislukken mocht ook weer, gewoon ouderwets op je bek gaan. Heel bevrijdend!”

Hoe gaat de stap van probeersels van papier naar een eindresultaat in hout?
Serge: “Van elke papiervariatie maak ik een foto. Ik ga alleen verder met de beste versie. Die print ik op A3-formaat. Vervolgens trek ik de vormen met behulp van carbonpapier over op dik papier. Die sajblonen knip ik uit en zet ik weer over op het hout. Dat lijkt omslachtig en dat is het ook. Maar ik doe het bewust, want overtrekken kun je nooit perfect. Er vallen gaten en kieren – Zwischenraumgespenster, zoals de Duitse kunstschilder Markus Lüpertz het noemt. Die ‘tussenruimtespookjes’ zorgen ervoor dat een werk spanning krijgt en gaat vibreren.”

Jullie werk heeft ook uitgesproken kleurcombinaties. Hoe komen die tot stand?
Serge: “Ik vind het razend moeilijk om de juiste kleuren te kiezen, maar ik ben er wel dol op. De kleuren van het papier negeer ik vaak, ik kijk meer naar de kleuren van de foto ervan op mijn beeldscherm. Dat is de basis. Als ik eenmaal heb bepaald dat het bijvoorbeeld roze, groen en blauw wordt, ga ik de kleuren op zo’n manier mengen dat er een onderlinge afstemming ontstaat. Pas daarna laat ik de foto op het beeldscherm los en voelt het alsof ik een schilderij maak. Voor het mengen gebruik ik maar weinig kleuren: Twee tinten blauw, één rood en vaak ook maar één geel. Zwart komt er bij mij niet in, ook niet in mijn eigen werk. Mijn overtuiging is dat je puur zwart uit een tube niet ‘leest’. Het wordt een gat dat al het licht wegzuigt. In plaats daarvan bouw ik het zwart op uit andere kleuren. Soms meng ik een heel donkerbruin groen of een donkerbruin blauw. Dat ziet je oog dan als zwart door de kleuren die ernaast liggen. Het is allemaal relatief. Het kostte me enorm veel moeite om het gevoel voor de juiste kleurverhoudingen onder de knie te krijgen. In mijn hoofd voelt het net alsof ik zo’n gigantisch mengpaneel in een muziekstudio bedien. Dat is ook wel het gevaar. Er zijn zoveel alternatieven, dat ik soms een beetje in mijn hoofd blijf hangen. Maar uiteindelijk hak ik vaak snel de knoop door. Met mijn jarenlange ervaring weet ik inmiddels wat goed werkt.”
Masja: “Kleur is ontzettend moeilijk. Je ziet het direct als mensen geen gevoel voor kleur hebben. Het is een beetje als uit de maat dansen. Kleur heeft ritme. Dat geldt ook voor mijn vak. Ik ga nog net niet met mijn Pantone-kleurenwaaier naar bed, maar ik ken hem wel uit mijn hoofd. Dan laat een opdrachtgever me een bepaalde tint oranje zien en dan zeg ik gelijk, oh dat is Pantone 165. Serge vindt het soms een beetje eng. Het is ook wel een tic.”

  

Nu heeft Kunstuitleen Rotterdam een paar van jullie werken aangekocht. Zijn jullie als kleurfanaten dan niet heel erg benieuwd hoe jullie werk er bij klanten thuis bij hangt straks?
Masja: “Daar heb ik nog helemaal niet over nagedacht. Volgens mij is het maar goed dat we er niet achter komen. Ik kan het me ons werk nu nog niet goed voorstellen tegen een andere achtergrondkleur dan het wit hier in de studio, maar wie weet. We kennen mensen die ons werk hebben gekocht en thuis opgehangen hebben tussen heel andere werken. Dat gaat van verfijnd tekenwerk tot fotografie. En ik moet zeggen dat het geheel er dan wel sprankelend uitziet. Ons werk verdraagt ander werk heel goed. Serge noemt het gekscherend weleens kunstbommetjes. Ik snap het wel, het zijn echte snoepjes om naar te kijken.”

Kunstuitleen Rotterdam heeft momenteel vijf werken van Marie Bernard in de collectie, waarvan inmiddels vier werken zijn uitgeleend.

Bekijk meer van Marie Bernard op hun Instagramaccount.

FacebookFacebook
instagraminstagram

Op 29 november is het Black Friday en daarom is onze expo extra lang open! Wil je even tot rust komen tussen al het shopgeweld door, dan ben je bij ons van harte welkom om een drankje te komen te doen en onze speciale ‘Dark Art’ selectie te bewonderen.

Ter gelegenheid van Black Friday zijn wij onze collectie ingedoken en hebben we de beste zwarte kunstwerken voor je naar boven gehaald. Zowel grote als kleine kunstwerken, fotografie, objecten en nog veel meer, als het maar donker is. Hou je van zwart in je interieur? Dan mag je onze expo eigenlijk niet overslaan op Black Friday. We zijn open van 11.00 – 21.00 uur.

Kunstwerken te koop
Om ruimte te maken voor nieuwe kunst, bieden wij tijdens Black Friday prachtige etsen van W.B. Bosveld aan voor een eenmalige prijs van 75 euro per stuk. Ben je een echt 80’s lover? Kom dan zeker even langs. Deze typische jaren ’80 kunst is zeer gedetailleerd en zet een geweldig tijdsbeeld neer. Nostalgie aan de muur!

 
Etsen van W.J. Bosveld

Lid worden
Voor nieuwe leden hebben we een leuke aanbieding:
– je hoeft geen lidmaatschap te betalen tot het einde van het jaar;
– de eerste maand leen je een kunstwerk gratis.

FacebookFacebook
instagraminstagram

Op Wereld Alzheimer Dag, 21 september 2019, organiseerde Het Alzheimer Centrum Erasmus MC, het regiobestuur Rotterdam en Alzheimer Nederland een publieksmiddag over dementie in Het Nieuwe Instituut. Het thema van deze middag was ’Samen Bewegen’. Onze collega Sanne Hoogeveen gaf daar een korte presentatie en workshop over Brainframe, het dementie programma dat zij met Kunstuitleen Rotterdam ontwikkelt.

Het publiek tijdens deze middag bestond uit allerlei professionals uit de zorg die affiniteit hebben met mensen met dementie. Bezoekers kregen van Sanne tijdens een mini workshop de gelegenheid mentaal te bewegen door middel van het kijken naar beeldende kunst. Er deden ongeveer 20 bezoekers mee aan deze workshop. Samen maakten we een prachtig verhaal bij bijvoorbeeld het kunstwerk van C. Kemper –  Interieur Café.


Foto: Ad de Visser – Sanne met kunstwerk. C. Kemper –  Interieur Café

We merkten op dat ‘vrouw op het werk’ veel interesse had in meneer, maar andersom niet. Het werd een café in Katendrecht in de jaren ’60. Dit zagen we aan het interieur, de kleding en het haar van de twee afgebeelde personen. Meneer was volgens ons een zeeman, ergens uit Amerika, en mevrouw een dame van lichte zeden die mannen probeerde op te pikken in het café. Er werd ontzettend veel gelachen tijdens het maken van dit verhaal.


Foto: Ad de Visser

FacebookFacebook
instagraminstagram

“Ok, dus wat is nu dé interieurkleur van volgend jaar?” Het is typisch zo’n vraag die me een paar keer per jaar wordt gesteld. Dat heb je nu eenmaal als je veel schrijft over alles wat met wonen, kunst en design te maken heeft. Geloof me, ik heb al aardig wat trendkleuren zien komen in gaan. 2012 was een mintjaar. En tegen 2014 werd het verdrongen door petrol. En is het alweer twee jaar geleden dat ik mijn woonkamer compleet fuchsiaroze verfde? Als je het me heel eerlijk vraagt, dan vind ik dat je lekker zelf moet weten welke kleuren je in huis gebruikt. Trends zijn voor volgers, toch? Maar goed, als je nu tóch eens wat anders in huis wil en je op zoek bent naar wat inspiratie…dan help ik je in deze editie van Work Art | Play Art graag op weg met drie opties. Enne…natuurlijk deel ik ook een paar handige tips over hoe je de juiste kunst bij de juiste muurkleur zoekt.

Door: Patrick Kooiman (Interiorator)

Wil jij twee van de belangrijkste trendkleuren van dit jaar in het echt zien? In samenwerking met Little Greene verfde Kunstuitleen Rotterdam twee wanden in de kleuren van nu en koos er wat prachtige werken bij.

Allereerst…warme kleuren zijn hot. Je hoeft geen expert te zijn om die trend aan te zien komen. Voor de kenners trap ik nu een open deur in, maar ga in april naar Milaan en je weet direct wat ‘de’ kleuren voor twee jaar later zijn. Elk jaar wordt namelijk in deze Italiaanse stad de Salone del Mobile gehouden, zeg maar De Moeder Aller Interieurbeurzen. En als er dan één plek is waar tutto Milano naar kijkt, dan is het de showroom van de ontwerpers van Dimorestudio.


De foto links maakte ik in 2017 bij Dimorestudio in Milaan…en twee jaar later zie je dezelfde warme tinten overal terug op de vtwonen & designbeurs in Amsterdam!

Zij gingen in 2017 al voor warme kleuren, dus de rest van de wereld nu ook. Een mooie bevestiging kreeg ik dit najaar op de vt wonen&designbeurs in Amsterdam, waar zo’n beetje in elke stand aardetinten de boventoon voerden. Ik gaf er trouwens een presentatie over mijn interieurboek VOLUME – en natuurlijk vertelde ik ook iedereen hoe handig het is om kunst te lenen. In Rotterdam zou ik trouwens zeker eens kijken bij het nieuwe hotel Supernova aan de ’s-Gravendijkwal. Daar is de hele bar in een diep donkerrode tint geverfd. Wist je trouwens dat boutique hotels altijd vooroplopen met interieurtrends?


Het nieuwe hotel Supernova aan de ’s-Gravendijkwal combineerde dieprood met heel smaakvol met zwart-witfoto’s. Daar heeft Kunstuitleen Rotterdam er ook genoeg van!

Ook bij de verffabrikanten is deze warmekleurentrend niet onopgemerkt gebleven. Zo voegde Little Greene, de huisleverancier van Kunstuitleen Rotterdam, onlangs de tint Baked Cherry toe aan het assortiment. Deze dieprode kleur is door het vleugje blauw dat erin zit weer nét even anders dan de kant-en-klaar gemengde verf die je in de schappen van de bouwmarkt ziet. Maar hoe pas je zo’n gewaagde tint nu toe in huis? Veel mensen durven niet verder dan één enkele wand en verven de rest heel veilig in oerdegelijk RAL 9010-wit. Niet doen! Het contrast tussen donker en licht is dan véél te groot. Je kunt veel beter de hele kamer verven in dezelfde kleur. En dan neem je als het even kan ook de witte deuren en de ramen mee, toch? Probeer bij het kiezen van kunst eens een wand te maken met meerdere kunstwerken. Altijd leuk om te zien wat die verschillende werken dan met elkaar ‘doen’. Als je een beetje handig bent met Photoshop, maak je heel makkelijk een wandje in de juiste kleur en kun je naar hartenlust combineren voordat je een definitieve keuze maakt. Om je een beetje op weg te helpen, maakte ik zelf een selectie van werken waarin de roodttint van Baked Cherry voorkwam. Startpunt was een schilderij van Johan van Oord, die ooit voor Boijmans de wanden van de espressobar in een soortgelijk patroon verfde.  Jammer dat het weg inmiddels weg is! Een uitzondering maakte ik voor een werk van Joop van ’t Hoenderdaal, waarin een geel kleurpotlood en een oranje viltstift voor een verrassende oppepper zorgen.


Met de klok mee:
Zonder titel van Johan van Oord, Nr. 213 van Ditty Ketting, Societies van Stacii Samidin, Swiss Miss van Erik Kampman, Zonder Titel van Joop van ’t Hoenderdaal.

Is het diepe rood van Baked Cherry nu nét een tikkeltje te veel voor je, dan heb ik nog een tweede trendkleur voor je. Eentje die iets minder heftig is, maar nog steeds heel mooi. Dock Blue is namelijk een donkerblauwe tint die even subtiel is als grijs, maar toch wel veel spannender is.


Donkerblauw is spannend maar niet té – en is ook prima te combineren met kunst.

Ik heb trouwens door schade en schande geleerd dat je donkere wanden beter niet leeg kunt laten. Je moet daar flink uitpakken met veel kunst en goede spotverlichting, anders kijk je al snel naar een zwart gat. En dat is natuurlijk niet wat we willen! Ik houd wel van een statement, dus kies al snel voor bijvoorbeeld Montañas con flores van Dora Dolz.


Met
Montañas con flores van Dora Dolz geef je zo’n subtiele donkerblauwe wand net even wat meer smoel.

De derde kleur die ik met jullie deel is niet zozeer een trendkleur als meer een insider tip van iemand die er écht verstand van heeft. Eerder dit jaar ging ik namelijk samen met een goede vriendin op de koffie bij licht- en interieurontwerper en levende legende René Houben in het Noord-Brabantse Oisterwijk. Ze had een prachtige lampenkap bij hem besteld en terwijl we zo zaten te praten, vertelde René over een heel zeldzame tint groen die hij weleens gebruikt. Hij lijkt op malachiet – je weet wel, van de edelsteen – maar is nog nét een tikje dieper en matter. Interieurwaaghals die ze is, bestelde mijn vriendin ter plekke een paar blikken. Haar woonkamer en keuken hebben inmiddels een makeover gekregen en ik moet zeggen dat ik het prachtig vind. Sterker nog, ik zie groen van jaloezie! De fabrikant van de verf heet Couleurs de Provence, op de bus staat een adres in Tilburg, maar op internet is er niks over te vinden. Het is allemaal vreselijk underground, maar als je deze verf écht wil, raad ik je aan om contact op te nemen met René Houben zelf.


Deze foto stuurde mijn vriendin me van haar keukenwand in malachietgroen.

Zelf zit ik inmiddels ook een beetje te broeden op wat ik hier in huis ga doen. Een tijdje overwoog ik lila of violet – dat worden hippe kleuren, let maar op! – maar ik fantaseer ook al een tijdje over matte lichtbeige verf met hoogglans felgroene strepen. Wat het ook wordt en welke kleur jij ook gaat kiezen in huis, het is een fijne gedachte dat je in een mum van tijd alles weer hebt overgeverfd. En andere kunst hebt uitgezocht!

 

FacebookFacebook
instagraminstagram